Knorrepos

De knorrepos (Micropogonias undulatus) lijkt op een pos (Gymnocephalus cernuus), maar is zelfs geen familie. De pos is een zoetwatervis die inheems is in ons land en behoort tot de familie van de echte baarzen. De knorrepos daarentegen is een zoutwatervis die inheems is in kustwateren voor de westelijke Atlantische Oceaan. Zijn leefgebied strekt zich in die contreien uit vanaf de staat Massachusetts, via Mexico tot in het Caribische gebied. Omdat daar ook de Nederlandse Antillen liggen zouden we kunnen stellen dat de knorrepos ook inheems is in Nederland, maar dat is natuurlijk een beetje valsspelen.

De knorrepot kan tot 55 centimeter lang worden. De soort is zilverkleurig met een opvallend patroon van schuine strepen. Hij wordt gewoonlijk aangetroffen in baaien en riviermondingen met een zanderige of modderige bodem. Daar voedt de vis zich met wormen, schaaldieren en kleinere visjes. Zijn aparte naam, knorrepos, heeft hij te danken aan het wat knorrende geluid dat deze vis maakt wanneer de vis wordt aangeraakt: hij spant de spieren rond de zwemblaas aan. Het is een eenvoudige stressreactie. Het is ook de reden dat men hem in Amerika de naam Atlantic croaker (‘Atlantische kwaker’) heeft toebedeeld.
In 2004 werd de knorrepos in het Noordzeekanaal voor het eerst in Nederland aangetroffen. Belgiƫ ging ons echter voor want daar werd in Oostende al in 1998 een exemplaar uit het water gevist. In het Noordzeekanaal zijn vanaf 2004 verschillende knorrepossen gevangen. Ook in de Waddenzee is in 2013 in de monding van de Mokbaai bij Texel een exemplaar gevangen. Eind 2013 werd de laatste melding gedaan toen er opnieuw een knorrepos uit het water van het Noordzeekanaal werd gevist.

Het Noordzeekanaal is toch een zoetwaterkanaal, zo zou men kunnen opmerken. Die constatering is niet helemaal waar. Via een sluizencomplex staat het Noordzeekanaal immers in verbinding met de zilte zee. De onderste waterlaag is zout, omdat zout water een hogere dichtheid kent dan zoet water. Het zoete water drijft daardoor op de zoute laag. Vissen, die hun maaltje bijeen scharrelen op de bodem van het Noordzeekanaal, hebben dus geen enkel probleem om in het Noordzeekanaal te overleven.

Omdat de knorrepos een vis is die toch liever in wat ondiep water zwemt, is hij vast niet op eigen kracht de Atlantische Oceaan overgezwommen. Waarschijnlijk is ook deze soort hier terecht gekomen door eitjes die in ballastwater van zeeschepen naar Nederland en Belgiƫ vervoerd zijn. Hoeveel knorrepossen er momenteel in Nederlandse wateren rondzwemmen weet niemand, maar het feit dat hij al in de Waddenzee is aangetroffen geeft te denken.

No comments:

Post a Comment