Stinkdier

Het (gestreept) stinkdier (Mephitis mephitis) komt van oorsprong voor in grote delen van Noord-Amerika, behalve in woestijnen. Hij dankt zijn naam aan diens verdedigingsmechanisme dat bij gevaar in werking kan treden: met de anale geurklieren wordt bij dreiging een stinkende stof gesproeid.

In ons land werd (en wordt) het stinkdier soms als exotisch huisdier gehouden. Niet zo'n geweldig idee, zo zult u opmerken met die sproeiende anaalklieren. Liefhebbers laten zich echter daardoor niet ontmoedigen en schaffen zo'n dier aan nadat de anaalklieren operatief zijn verwijderd. Ik kan me niet voorstellen dat een Nederlandse dierenarts zich daartoe zal verlagen en dus moet die ingreep al in Amerika door gewetenloze vakbroeders zijn verricht.
Sinds begin jaren ‘70 van de vorige eeuw worden geen wilde stinkdieren meer gevangen voor de fok of voor de huisdierindustrie. Dit wordt streng gecontroleerd door de Canadese en Amerikaanse overheden. In 2010 en 2011 werden jaarlijks 500 tamme stinkdieren vanuit de VS naar Nederland geëxporteerd. De grootste Nederlandse importeur heeft sinds 2012 geen stinkdieren meer ingekocht en er zijn sindsdien geen legale importen meer geweest. Dat klopt, maar er zal vast wel een ongereguleerde illegale import bestaan.

Natuurlijk vergeet iedereen bij aanschaf van een stinkdier dat het een dier is dat volstrekt ongeschikt is om als huisdier te houden. Het gevolg is dat men die lastpakken per ongeluk liet ontsnappen als de schade aan bankstellen iets te groot werd. Vrijgelaten of ontsnapte dieren kunnen zich lokaal in het wild vestigen en voortplanten.

Tussen 2007 en 2011 zijn regelmatig (levende en dode) stinkdieren gemeld in Zuidoost-Friesland, nabij het Fochteloërveen. Een aantal dieren vestigde zich in het Blauwe Bos. Ook werden dieren gezien in het Tonckensbos en op de Duurswouder Heide. In 2005 werden in het Blauwe Bos onvolwassen dieren gezien, wat duidde op voortplanting. Onduidelijk is hoe groot de populatie hier destijds was, omdat stinkdieren nachtactief zijn en beperkt kunnen worden waargenomen. Ontsnapte dieren bleken minder schuw en werden daardoor eenvoudiger en vaker waargenomen. Het grootste aantal tegelijk waargenomen dieren was vijf (inclusief jongen). Na 2011 zijn hier geen waarnemingen meer gedaan, zodat het huidige voorkomen onduidelijk is.

In 2005 werd in Midden-Limburg voor het eerst een doodgereden gestreept stinkdier gevonden. Vanaf 2009 zijn gestreepte stinkdieren gemeld bij Apeldoorn (2009), Noorderveld (Drenthe, 2010), Zaanstad (2012), Steenbergen (Noord-Brabant, 2015) en Glanerbrug (Overijssel, 2015).

Stichting Het Stinkdier krijgt nog steeds vragen over de verzorging van stinkdieren. De stichting schat het aantal gehouden stinkdieren in Nederland op enkele duizenden. De kans dat het stinkdier zich permanent in Nederland heeft gevestigd is reëel.

No comments:

Post a Comment