Het tropisch wortelknobbelaaltje (Meloidogyne enterolobii) is een peervormige, zeer kleine, meestal witachtige tot doorschijnende wortelknobbelnematode die slechts onder de microscoop goed zichtbaar is. De soort valt op door haar vermogen om ernstige wortelknobbels te veroorzaken.
De vrouwtjes hebben een duidelijk peervormig lichaam, met een niet scherp afgezette kopregio en een fijn geannuleerde cuticula. Ze zijn witachtig tot crèmekleurig van kleur, soms licht doorschijnend. Het formaat kan variëren, maar ze zijn doorgaans 400–800 µm lang, al is dat afhankelijk van de populatie en het stadium. Mannetjes zijn vaak langwerpig, wormachtig. Ze zijn vaak iets lang er slanker (sorry, ik kan het ook niet helpen) dan de vrouwtjes. De larven zijn slank, wormvormig, wat typisch is voor wortelknobbelnematoden. Ze zijn kleurloos tot licht transparant. De lengte variëert van 300 tot 500 µm.
Deze soort veroorzaakt veel, vaak grote, knobbels doordat de nematode zich snel vermenigvuldigt. Bij een beginnende of lichte aantasting zijn er minder en kleinere knobbels, en vaak ontwikkelen deze knobbels zich bij lagere temperaturen pas weken na de besmetting. De grootte van de knobbels varieert bovendien per plantensoort en zelfs per cultivar. Bovengronds kunnen symptomen als slechte groei en verwelking van de planten ontstaan.
Het tropisch wortelknobbelaaltje werd pas in 1983 voor het eerst beschreven[1]. Deze waarneming was in China en men vermoedde dat deze soort slechts een tropische of mogelijk subtropische verspreiding had. In 2001 ontdekte men hem echter in Florida (USA), maar intussen weet men dat deze soort bijna wereldwijd voorkomt. Het tropisch wortelknobbelaaltje wordt thans beschouwd als een van de belangrijkste wortelknobbelaaltjessoorten vanwege diens vermogen om zich voort te planten in allerlei economisch belangrijke gewassen.
Het tropisch wortelknobbelaaltje heeft verschillende waardplanten, zoals aubergine (Solanum melongena), paprika en chilipeper (Capsicum annuum), komkommer (Cucumis sativus), sojaboon (Glycine max), zoete aardappel (Ipomoea batatas), tabak (Nicotiana tabacum), tomaat (Lycopersicon esculentum) en watermeloen (Citrullus lanatus).
In de sierteelt zijn vooral Arecaceae, Brachychiton sp., Chlorophytum, Ficus, Ligustrum, Livistona, Philodendron, Rosa, Syngonium en Zelkova belangrijke waardplanten. Verder kan het tropisch wortelknobbelaaltje ook veel vollegrondsgewassen aantasten, zoals aardappel (Solanum tuberosum), rode biet (Beta vulgaris) en boon (Phaseolus vulgaris). Zie hier voor een indruk van de overige waardplanten, voor zover momenteel bekend.
Het tropisch wortelknobbelaaltje is in staat wortelknobbelaaltjes-resistentie bij, onder andere, tomaat, paprika en komkommer te doorbreken, waardoor de schadelijkheid groot is. Beheersing door vruchtwisseling is zeer moeilijk, vanwege de vele waardplanten van deze nematode.
In Nederland komen verschillende andere soorten wortelknobbelnematoden voor. In kasteelten ook andere tropische soorten zoals het Zuidelijk wortelknobbelaaltje (Meloidogyne incognita) en het Javaans wortelknobbelaaltje (Meloidogyne javanica). Deze soorten veroorzaken wortelknobbels variërend van klein tot zeer groot.
Het Noordelijk wortelknobbelaaltje (Meloidogyne hapla) komt wereldwijd voor, ook in Nederland. Deze soort heeft eveneens zeer veel waardplanten. Ze veroorzaakt kleine tot zeer kleine knobbels, waarbij vaak extra wortelvertakking vanuit de knobbels optreedt (spinvormig). Aan de hand van de knobbels alleen is niet vast te stellen welke soort Meloidogyne het betreft. Identificatie van de soort moet gebeuren door een expert in een nematologisch laboratorium.
Het tropisch wortelknobbelaaltje komt nog niet in Nederland voor, maar de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit ziet de bui al hangen en heeft een document gepublicerd met de titel 'Meloidogyne enterolobii herkennen'. Zie hier.
[1] Yang, Eisenback: Meloidogyne enterolobii n. sp. (Meloidogynidae), a Root-knot Nematode Parasitizing Pacara Earpod Tree in China in Journal of Nematology – 1983.

No comments:
Post a Comment