Harlingers, die hun blik wel eens naar beneden richten, moet het opgevallen zijn: tussen de tegels groeit de laatste paar jaar plotseling een laagblijvend plantje. Het kruipgoed lijkt zich zelfs explosief uit te breiden en de vraag is daarom welk plantje het nodig vond om onze stad te veroveren.
De straatwolfsmelk (Euphorbia maculata) is een opvallende eenjarige plant, die, in Engelstalige landen ook wel spotted spurge of prostrate spurge genoemd wordt. Deze soort komt oorspronkelijk uit Noord-Amerika. In Europa is ze een relatief nieuwe soort die vooral in stedelijke gebieden goed gedijt. Haar Nederlandse naam verwijst direct naar haar favoriete biotoop: de kieren tussen straatstenen, trottoirs en grindbedden.
De plant heeft een kenmerkende liggende, matvormende groeiwijze. De stengels, die vaak roodachtig of roze getint zijn en bedekt met fijne haartjes, spreiden zich vanuit een centrale tapwortel uit over de grond. Ze worden tot zo’n 50 centimeter lang, maar blijven meestal laag bij de bodem. De kleine, tegenoverstaande blaadjes zijn ovaal tot langwerpig en hebben vaak een opvallende rood-paarse vlek in het midden – vandaar de Engelse naam “spotted”. Als je een stengel afbreekt, komt er direct een wit melksap vrij, typisch voor wolfsmelken. Dit sap is giftig en kan huidirritatie of oogklachten veroorzaken, dus voorzichtigheid is geboden bij het verwijderen.
Vanaf de zomer tot in de herfst verschijnen de piepkleine bloemen. Ze zitten in zogenaamde cyathia. Dat zijn kleine kelkachtige structuren met vier klieren en witte tot roze schutblaadjes. De plant is een echte opportunist: ze bloeit en zaait al snel, zelfs in extreme omstandigheden. Een enkel exemplaar kan honderden zaden produceren die lang kiemkrachtig blijven.
Straatwolfsmelk gedijt uitstekend op zonnige, warme, stenige en vaak droge plekken met een arme bodem. Je vindt haar langs spoorwegen, op begraafplaatsen, in tuinen, parken en tussen tegels in de stad. In Noord-Amerika is ze inheems in een groot deel van het continent, maar ze heeft zich verspreid naar Europa, Azië, Australië en Nieuw-Zeeland. In Nederland is ze vooral een stedelijke verschijning die profiteert van verstoring en opwarming.
Ecologisch gezien is de straatwolfsmelk een pionier. Ze bedekt kale grond snel en voorkomt erosie, maar in tuinen en gazons is ze uiteraard een onkruid omdat ze andere planten kan overwoekeren. Ze vormt dichte matten die concurrentie aangaan met gras en sierplanten.
In eerste instantie lijkt de opmars van straatwolfsmelk geen probleem, maar hij kan wel een lastpak worden. De gevormde ronde matten kunnen meer dan een meter in doorsnede worden en na een regenbui kunnen die behoorlijk glad worden. Dat levert weer een gevaar op voor mensen die slecht ter been zijn.
Je kunt het beste de hele plant met (lange) penwortel uit de grond trekken voordat ze zaad zet. Preventie door goede bodembedekking en regelmatige controle helpt het beste.

No comments:
Post a Comment