Vlinderstruik

Stel je wilt de natuur zichtbaar dichterbij halen in je tuin. Dan ga je naar het tuincentrum en laat je voorlichten over de mogelijkheden. Er is dan een grote kans dat je thuiskomt met een vlinderplant (Buddleja spp.), een bekende vlinderlokker (nee, er staat geen kinderlokker), die met prachtige en sterk geurende bloemen aantrekkelijk is voor mens en vlinder. Een sieraad voor iedere tuin claimen de folders van diezelfde tuincentra.

Vlinderstruiken lokken zo goed vlinders dat er tientallen kleine vossen en dagpauwogen tegelijk op een struik kunnen zitten. Geen wonder dat zelfs door de Vlinderstichting die vlinderstruiken worden aanbevolen als je hen vraagt naar een goede keus om vlinders in je tuin te lokken.
Vlinderstruiken behoren tot een geslacht van wel meer dan 100 verwante soorten die van oorsprong hun wortels hebben in de bodem van diverse continenten, zoals Azië, Afrika en Noord- en Zuid-Amerika. Je ziet dat Europa in dat rijtje ontbreekt en dat betekent dat het hier een exoot is.

De vlinderstruiken zijn veelal struiken die tot vijf meter hoog kunnen worden. Dat betekent dat enkelen zelfs tot een kleine boom kunnen uitgroeien. De allereerste vlinderstruik die Europa bereikte werd al in 1774 vanuit Chili naar Engeland overgebracht, maar de soort die onze vaderlandse tuinen decoreert is een soort (Buddleja davidii) die afkomstig is uit centraal China. Zijn faam als tuinplant heeft uiteraard voor diverse cultivars gezorgd en zo zijn er de 'Royal Red' (met roodpaarse bloemen), de 'Black Knight' (met donkerpaarse bloemen), de 'Sungold' (met goudkleurige bloemen) en de 'Pink Delight' (met écht roze bloemen).

Ondertussen beginnen de echte natuurliefhebbers zich een beetje bezorgd achter de oren te krabben, want het blijkt dat vlinderstruiken zich in onze contreien behoorlijk irritant is gaan gedragen. De meest aangeplante soort is een meester in het koloniseren van droge open terreinen. In stedelijke gebieden kan hij zich probleemloos op vergeten stukjes grond of op oude tuinmuren voortplanten. En, als een vlinderstruik eenmaal besloten heeft om zich ergens te vestigen, dan kan hij uitgroeien tot een behoorlijk grote struik die alles kan overwoekeren. Ook door bezuinigingen slecht onderhouden terreinen van de NS of Rijkswaterstaat zie je steeds vaker een vlinderstruik opschieten.

Ook in Groot-Brittannië beginnen ze al behoorlijk last te krijgen van de vlinderstruik. Daar is de soort ondertussen al op verschillende lijsten terechtgekomen die hem aanwijzen als invasieve exoot. Dat betekent dat gemeenten hem actief gaan bestrijden en de bevolking min of meer aansporen om exemplaren te verwijderen als ze zich niet weten te gedragen. Zover zijn we hier nog lang niet.

No comments:

Post a Comment